Tekst & foto's: Arjan Kruik
Gemiddelde prijs, gemiddelde bike?
In de Nederlandse fietsindustrie gaat het verhaal dat de gemiddelde verkooprijs van een mountainbike 1.500 euro is. Of dat klopt? Wie zal het zeggen; het exacte bedrag valt niet te achterhalen. Maar een feit is wel dat de Lapierre Prorace 4.9, waarop ik een paar weken heb kunnen rijden, op één euro na preciés op dat gemiddelde prijspunt valt. Is die Prorace 4.9 daardoor dan ook een gemiddelde bike? Op sommige vlakken – dus náást die prijs – is dat inderdaad het geval. Maar op andere vlakken weer niet. Ik leg hieronder uit wat ik bedoel.
Voor veel kopers van een mountainbike is 1.500 euro is een lastig prijspunt. Lastig in die zin, dat je rond dit bedrag vaak de keuze moet maken voor een hoogwaardig aluminium frame met hoogwaardige onderdelen of een relatief laagwaardig carbon frame met een kwalitatief wat mindere afmontage. Ik schreef er al eerder over. Zou ik zelf anytime kiezen voor een goed aluminium frame met goede componenten, maar de markt – jullie dus – lijkt op dit prijspunt toch eerder te kiezen voor carbon. En dat maakt het aanbod van hoogwaardige aluminium hardtails nogal karig.
“Ik vind het dus bewonderenswaardig dat Lapierre dat gewoon wel doet, een hoogwaardige aluminium hardtail in de markt zetten. Want zo kan je de Prorace 4.9 toch wel kwalificeren.”
Ik vind het dus bewonderenswaardig dat Lapierre dat gewoon wel doet, een hoogwaardige aluminium hardtail in de markt zetten. Want zo kan je de Prorace 4.9 toch wel kwalificeren. Het frame bestaat uit relatief dunne buizen met meervoudige variabele wanddikte die zonder veel poespas netjes aan elkaar zijn gelast. Zelfs de achterpatten met geïntegreerde schijfremmontagepunten zijn slank gehouden en ook de enige gusset op het frame – die bij de verbinding tussen trapas en liggende achtervork – is tamelijk minimalistisch vormgegeven. Dat ziet er niet alleen sierlijk uit, maar biedt ook een goede combinatie van gewicht (acceptabel laag), effectiviteit en respons (gewoon goed) en comfort (heel behoorlijk).
Mis je hier een resoluut uitgestoken vlag? Klopt, want alhoewel ik oprecht enthousiast ben over het frame (en de rijeigenschappen, zie hieronder) van de Prorace 4.9 komen gewicht en responsiviteit natuurlijk niet in de buurt van die van carbon topmodellen. Maar daar – en daar moet je ook eerlijk in zijn – betaal je natuurlijk wel minimaal 1.000 euro meer voor. Als je dat al redt. Alle waar naar zijn geld natuurlijk. Maar voor veel carbon instappers doet de aluminium Prorace 4.9 zeker niet onder.
Slank frame met sportieve zit
Naast slank is het frame van de Lapierre Prorace 4.9 ook sportief. De zit is namelijk behoorlijk gestrekt en diep, met dank aan de lange bovenbuis (625 mm), de korte balhoofdbuis (105 mm) en het smalle (720 mm) smalle stuur. Vanwege z’n rechte vorm doet die laatste de comfortwinst van de relatief korte stuurpen weer teniet. Ik heb daarom na een paar ritten het stuur vervangen door mijn favoriete SQlab 311 FL-X, die niet alleen breder is, maar ook meer naar achteren gebogen is. Dat scheelt druk op polsen, schouders en nek.
“De Prorace 4.9 is een bike die graag vooruit wil. Omhoog of omlaag, deze Fransoos wordt het liefst staand in de pedalen bereden, met het gas vol open en de remmen los. En beloont daarbij met veel controle.”
Maar ook met aangepast stuur is de Prorace 4.9 een bike die graag vooruit wil. Omhoog of omlaag, deze Fransoos wordt het liefst staand in de pedalen bereden, met het gas vol open en de remmen los. En beloont daarbij met veel controle. Dat is met name duidelijk op de Heuvelrugroutes; je kunt daar ongegeneerd hard de vele kuipbochten in denderen, zonder dat de bike een krimp geeft. Bij wijze van spreken dan, want het is en blijft een hardtail en de remknippen die voor sommige bochten ontstaan zijn komen stevig door. Ook hier rijdt de bike met het bredere SQlab-stuur overigens beter dan met het originele exemplaar. Er ligt dan minder druk op de voorkant en het zwaartepunt zit meer tussen de wielen.
Robuust karakter
Lengte loopt, dat is duidelijk. Maar op het slingerparkoers van de Kalmthoutse Heide merk je dat je wel met veel bike onderweg bent. Met name bij krap keren en draaien moet je ondanks de bovengemiddeld korte achterbrug (428 mm) wat meer moeite doen. Voor mij geen probleem; ik val met mijn een meter tachtig precies tussen de maten M en L in, maar als ik de keuze heb blijk ik in de praktijk altijd de L te pakken. Dat past blijkbaar het best bij mijn fysiek en bij mijn rijstijl. Maar ik kan me voorstellen dat liefhebbers van een meer levendig stuurgedrag eerder voor een maatje kleiner zouden gaan.
“Naar de huidige maatstaven zijn de velgen nogal smal, waardoor de banden minder mooi vallen dan op een modernere, bredere velg. En dan is er nog het gewicht van de roterende massa: met 2,24 kg voor het voor- en 2,92 kg voor het achterwiel is die niet bepaald laag. Gelukkig valt hier nog flink wat te winnen door de banden tubeless te maken.”
Het robuuste gevoel dat de Lapierre Prorace 4.9 oproept komt trouwens ook voort uit de gekozen componenten. De olijfgroene Fransoos rolt op een setje Maxxis-banden; een Ardent voor en een Icon achter. Met name die eerste is voor een xc-band vrij grof genopt, wat op de zanderige parkoersen waar ik mijn rondjes meestal rij enigszins overkill is. Daarnaast liggen de banden rond velgen met een binnenbreedte van 19 mm. Naar de huidige maatstaven nogal smal, waardoor de banden minder mooi vallen dan op een modernere, bredere velg. En dan is er nog het gewicht van de roterende massa: met 2,24 kg voor het voor- en 2,92 kg voor het achterwiel is die niet bepaald laag. Gelukkig valt hier nog flink wat te winnen door de banden tubeless te maken. Mijn tip: direct doen!
Onderdelen: acceptabel, maar niet bovengemiddeld
De overige onderdelen zijn gezien de prijs van de fiets acceptabel, maar niet top. Ik heb het dan trouwens niet over de vork. Natuurlijk, een materiaalfreak zal z’n neus ophalen voor de RockShox Judy Gold die in de balhoofdbuis steekt, maar uiteindelijk is de Judy Gold een prima vork. Prettig comfortabel zonder zompig aan te voelen en met dempingsinstellingen die het gewoon doen. Maar het schakelgebeuren is gezien de prijs van de fiets wel wat ondermaats.
De SX Eagle is de goedkoopste 12-speed groep uit het assortiment van Sram en dat betekent concessies ten aanzien van gewicht en functionaliteit. Ook de hoogwaardige Sram GX-derailleur die als bonus aan de achterpat is geschroefd kan dat niet verhullen. Aan de andere kant; ondanks dat ik net als jij óók liever een lichtere en vooral ook extra breedbandige GX-cassette met 10-50 of liever nog 10-52 vertanding zou zien, is het met de gemonteerde 11-50-tands SX-cassette op Nederlandse parkoersen goed fietsen.
“Gelukkig had de productmanager van Lapierre de tegenwoordigheid van geest om aan de voorkant een 180 mm remschijf te monteren, zodat ook zwaardere rijders tijdens langere afdalingen op de vertragende werking van hun remmen kunnen rekenen.”
Hetzelfde geldt voor de remmerij; de groeploze Shimano MT401-schijfremmen zijn allesbehalve bling bling. De grote tweevingerremgrepen ogen niet bepaald sierlijk en je moet er bovendien stevig in knijpen om te vertragen. Gelukkig had de productmanager van Lapierre de tegenwoordigheid van geest om aan de voorkant een 180 mm remschijf te monteren, zodat ook zwaardere rijders tijdens langere afdalingen op de vertragende werking van hun remmen kunnen rekenen.
Conclusie
Zou ik deze bike aan m’n vrienden aanbevelen? Denk het wel. Ook als ze tegenstribbelen dat de Lapierre Prorace 4.9 ‘maar’ van aluminium is. Ik zal dan namelijk betogen, zoals ik op deze site vaker heb gedaan, dat een hoogwaardig aluminium frame met dito componenten wat mij betreft altijd te prefereren is boven een carbon instapframe met matige onderdelen. Maar goed, dat zijn de prioriteiten zoals ik ze stel en daar hoef je het natuurlijk niet mee eens te zijn. Maar los van de alu-versus-carbon-discussie rijdt de Lapierre Prorace 4.9 gewoon goed, vooral als je je graag flink doortrapt en een voorkeur hebt voor stabiele en koersvaste bikes.
“Ook op het vlak van onderdelen werkt alles zoals het moet werken. Lichtgewicht? Nee, zeker niet. Functioneel? Dat wel. En gezien onze ervaring met gelijksoortige componenten op andere bikes, zullen ze ook op de lange termijn gewoon prima blijven functioneren.”
Ook op het vlak van onderdelen werkt alles zoals het moet werken. Lichtgewicht? Nee, zeker niet. Functioneel? Dat wel. En gezien onze ervaring met gelijksoortige componenten op andere bikes, zullen ze ook op de lange termijn gewoon prima blijven functioneren. Waarbij ik natuurlijk wel moet opmerken dat ik al vrij snel een iets breder stuur met meer backsweep heb gemonteerd, dat de rijeigenschappen in positieve zin beïnvloedt. Bovendien moet ik bekennen dat ik nog niet zo lang terug een setje testwielen van Mavic onder de Prorace heb gehangen. Ook van aluminium, maar lichter en breder dan de Lapierre-wielen. En dat rijdt toch wel erg lekker; in combinatie met de lichtere xc-rubbers rond deze velgen is dat een upgrade waar ik niet graag afscheid van neem.
Maar goed, dat zijn de luxeproblemen van de verwende fietsjournalist. Heb jij 1.500 euro in de pocket zonder speelruimte voor extra verwennerij, dan kun je dat bedrag in ruil voor een Prorace 4.9 met een gerust hart bij de Lapierre-dealer achterlaten. Maar heb je eventueel wél een klein beetje speelruimte, overweeg dan de Prorace 5.9. Voor 200 euro meer komt dit model namelijk met wielen met bredere velgen. Een zinvolle upgrade.
Lapierre Prorace: programma en prijzen
Met een prijs van € 1.499,- is de aluminium Lapierre Prorace 4.9 het op één na goedkoopste model in een reeks van drie. De Prorace 3.9 kost € 1.199,-, de 5.9 komt op € 1.699,-. Daarnaast zijn er vier carbon Prorace SAT CF-modellen, waarvan de prijzen lopen van € 1.699,- voor de Prorace SAT CF 6.9 tot aan € 4.399,- voor het topmodel Prorace SAT CF 9.9.
Lapierre Prorace 4.9: onderdelen en gewicht
Frame | Supreme 5 aluminium |
Vork | Rock Shox Judy Gold RL, 100 mm veerweg |
Achterderailleur | Sram GX Eagle, 12-speed |
Schakelaar | Sram SX Eagle, 12-speed |
Crankset | Sram SX Eagle, 32-tands kettingblad |
Cassette | Sram SX Eagle, 12-speed, 11/52t |
Remmen | Shimano MT401 |
Remschijven | Shimano SMRT30, 180/160 mm (v/a) |
Naven | Shimano MT400 |
Velgen | Rodi Excalibur XC2 622x19C |
Voorband | Maxxis Ardent 29×2.25” |
Achterband | Maxxis Icon 29×2.25″ |
Stuur | Lapierre, Ø 31,8 mm, 720 mm |
Stuurpen | Lapierre, 75 mm |
Zadel | Lapierre |
Zadelpen | Lapierre, Ø 72,2 mm |
Gewicht | 12,74 kg (framemaat L) |
Prijs | € 1.499,- |
Lapierre Prorace 4.9: geometrie
Framemaat | L | ||||
Zitbuislengte | ST | 480 mm | Offset | O | 46 mm |
Bovenbuislengte | TT | 625 mm | Trail | T | – |
Reach | R | 437 mm | Balhoofdbuislengte | HT | 105 mm |
Stack | S | 614 mm | BB drop | BBD | 60 mm |
Zitbuishoek | STA | 73° | Liggende achtervork | CS | 428 mm |
Balhoofdbuishoek | HTA | 69,5° | Wielbasis | WB | 1.138 mm |
Framemaat | L | |
Zitbuislengte | ST | 480 mm |
Bovenbuislengte | TT | 625 mm |
Reach | R | 437 mm |
Stack | S | 614 mm |
Zitbuishoek | STA | 73° |
Balhoofdbuishoek | HTA | 69,5° |
Offset | O | 46 mm |
Trail | T | – |
Balhoofdbuislengte | HT | 105 mm |
BB drop | BBD | 60 mm |
Liggende achtervork | CS | 428 mm |
Wielbasis | WB | 1.138 mm |
Website fabrikant: www.lapierrebikes.com